donderdag 29 maart 2012


De laatste week gaat bijna in en dus is een nieuwe blog weer op zijn plaats. Vandaag hou ik het kort maar krachtig. Een blog vól “wist-je-datjes”!!!

Wist je dat in Brazilië:    Meisjes bij de geboorte meteen al oorbelletjes ingeschoten krijgen door de verpleegsters? Zo willen ze vermijden dat iemand denkt dat het een jongetje is.  Alle vrouwen willen hier een meisje krijgen om ze te kunnen verbarbiën nadien.  Ge kunt er maar beter vroeg genoeg aan beginnen he.

Wist je dat Brazilië:         Het enige land ter wereld is dat nog steeds Volkswagen Transporter busjes produceert. Zo komen er dagelijks 97 van de band in de fabriek van Saõ Bernardo do Campo. Wil iemand nog een souvenirtje uit de oude doos?

Wist je dat in Brazilië:    De ouders hun kinderen zo lang mogelijk in huis willen houden. Sommige families hebben kinderen van 30 jaar in huis. Wanneer ze trouwen komt er dan dikwijls ook nog de echtgenoot/echtgenote bij. En allemaal moesten ze mee-eten…

Wist je dat in Brazilië:    De meeste mannen gewapend uitgaan? Het is niet legaal om een wapen op zak te hebben maar dat maakt voor de meesten niets uit. Wanneer dronken mannen beginnen te vechten vallen er dan ook dikwijls doden of zwaargewonden. Gaan kijken wat er aan de hand is is dan ook geen goed idee. Er kunnen brokken vallen…

Wist je dat in Brazilië:    Elk jongetje een voetbal krijgt gedurende zijn jeugd? Willen of niet, voetbal wordt er hier in gesjot. Jongens met 3 ballen, eerder de regel dan de uitzondering.

Wist je dat in Brazilië:    Er jongeren zijn die in het 3 middelbaar zitten en geen woord kunnen lezen of schrijven? Hoe slagen die dan voor hun examens? De scholen worden  hier verplicht hun studenten te laten slagen want anders stoppen ze met school en lopen ze rond te hangen en drugs te kopen in de straat. “Mama, ik ben er weer door dit jaar, wil je efkes mijn naam op het inschrijvingsformulier voor de unief schrijven aub?”

Wist je dat in Brazilië:    Er nergens water uit de kraan mag gedronken worden? Het leidingswater is hier overal onzuiver en dus mag je enkel gekookt water of water uit de fles drinken. Met wat geluk krijg je gratis groene brokjes bij je je kraantjeswater tijdens het tanden poetsen… Been there…
Wist je dat in Brazilië:    Het minimumloon iets minder dan €300 is? Bovendien leeft het merendeel van de inwoners van Barra de São Miguel van dat loontje of van minder. Het ontbijt is hier dan ook dikwijls een sober stuutje met boter. Ma wél goeien vettigen!

Wist je dat in Brazilië:    Heel wat mensen al hun doodskist in huis staan hebben voor mocht er wat gebeuren? Dikwijls zie je dan ook mensen binnen- of buitenlopen in een kistenwinkel om wat ideetjes op te doen. Sterven is hier dagelijkse kost.  Ge kunt het je dan maar evengoed gemakkelijk maken he als de laatste zucht nadert. 

Wist je dat in Brazilië:    Heel wat kinderen bij hun grootouders wonen? In vele gevallen is de oudersituatie zodanig ingewikkeld dat de ouders ongewenste kinderen bij de grootouders plaatsen. Als vader en zoon elkaar dan in de straat tegenkomen dan groet de zoon en vraagt hij of alles goed gaat met zijn vader.  Ge kunt zowel evengoed van de melkboer zijn he dan, die brengt tenminste nog wat lekkers mee.

Wist je dat in Brazilië:    Alle vrouwen blond  sluik haar willen hebben? Vele vrouwen gaan hier dan ook wekelijks naar het “salão de beleza” (schoonheidssalon) om hun kapsel bij te werken. Maar zelfs de beste tovenaar kan van een Bouvier geen Golden Retriever maken. Misschien zou een pruik wel heel wat geld zou uitsparen.

Wist je dat Brazilië:         26 staten en 1 federaal district heeft? Bovendien heeft elke staat zijn eigen regels en grondwet. Wat in de ene staat mag, mag in de andere niet. Bij een gerechtelijk geschil moet je dus geen advocaat bellen, gewoon de bus pakken.

Wist je dat in Brazilië:    Alle kinderen het volkslied leren zingen op school? Lezen, schrijven en rekenen gaat vaak moeilijk maar het volkslied kennen ze als de beste! Het leven in Brazilië lijkt wel een musical: just sing it!   

Wist je dat Brazilië:         Naast koffie en rietsuiker ook rundvlees, geconcentreerd sinaasappelsap, sojabonen, kippenvlees, schoenen, ijzer en staal, chemische producten, tropisch hardhout, auto's en vliegtuigen exporteert? In de export van olie is Brazilië de 31e van de wereld. Brazilië hoort bij de top van de wereld als het gaat om exportproducten. Als ze dan iets hebben dat marcheert, dan wordt het het land uit gestuurd.

Wist je dat Brazilië:         Ongeveer 2500 luchthavens heeft? Het is het land met het tweede grootste aantal luchthavens en komt zo nét na de Verenigde Staten.  Ze zien ze hier dikwijls vliegen.

Wist je dat in Brazilië:    Het grootste deel van de elektriciteit uit waterkracht komt? De Itaipudam is één van de grootste leveranciers van deze vorm van energie. Brazilië bezit een uitgebreid grotendeels onaangesproken hydro-elektrisch potentieel, in het bijzonder in het bassin van de Amazone. Daarmee dat de straatlampen hier dag en nacht branden. ’t Is toch voor niet.

Wist je dat Brazilië :        Zelf een eigen ruimtevaartprogramma (INPE) heeft? Ze zien ze hier dus écht vliegen he, dat was geen mopje.

Wist je dat in Brazilië:    Ongeveer 89 % van de bevolking is christelijk (74%katholiek en 15 % protestants is?  Daarnaast is een groot gedeelte van de bevolking in het noordoosten een aanhanger van candomblé, een religie die door de slaven vanuit Afrika is meegenomen. Ave Maria.

Wist je dat in Brazilië:    Er in het Zuiden heel wat afstammelingen van Duitsers, Italianen en Japanners wonen? De Zuid-Braziliaanse bevolking is dan ook overwegend blank, terwijl de Noord-Oost bevolking eerder zwart is. Desalniettemin hebben ze hier doorheen de jaren ook een “grey-zone” gecreëerd, de Braziliaan maakt er graag een zootje van.

Wist je dat Brazilië:         Meer dan 190.000.000 inwoners heeft? Het is daarbij het 5de grootste land ter wereld. Bij het begin van de 20e eeuw telde Brazilië nog 18 miljoen inwoners, dat aantal is dus nu ruim vertienvoudigd. Ge moet je alleszins niet afvragen wat ze hier uitgestoken hebben de laatste 100 jaar.
Wist je dat Brazilië:         Als hoofdstad Brasilia heeft en niét Rio de Janeiro of São Paulo? Velen vallen hier uit de lucht. “Brazilië en Brasilia… Is da niet ’t zelfde maar dan een beetje anders?”

Wist je dat in Brazilië:    De meest voorkomende drug “crack” is? “Crack” is de rookbare variant van cocaïne. Men kookt de cocaïne met ammoniak of een andere base en verwijdert het overtollige vocht. Nadat het gedroogd is, kan het worden gerookt door het op een strookje foliepapier te leggen en het vanaf onderen te verwarmen met een aansteker. De reden waarom “crack” hier zo populair is, is omdat het zo goedkoop is en gemakkelijk te gebruiken. Het is bovendien lichamelijk niet verslavend, wel geestelijk. De kans op een krak in je kop is dus nogal groot.

Dat was het weer voor vandaag. Bedankt en tot ziens… misschien wel binnenkort bij jou thuis, op de sofa. Want ik kom eraan beste mensen! Nog 1 weekje te gaan. It’s the final countdown!

Beijão ,
Janne



woensdag 21 maart 2012


De laatste weken komen al in zicht en dus wordt het de hoogste tijd dat ik er nog eens van profiteer om wat over Brazilië neer te pennen. Ik begin het leven hier meer en meer gewend te raken, ook al blijf ik nog steeds de buitenlander in een boerendorp. Vandaag zal ik het simpelweg hebben over dingen die me dag op dag verbazen, kleine dingetjes die bij ons gewoonweg anders zijn. Here we go.

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen en het hebben over mevrouwtje zonneschijn. Verschrikkelijk warm! Vanaf 6u ’s ochtends tot 6u ’s avonds schijnt de zon hier haar batterijen plat. Rond 6u is de energie dan ook op en gaat ze in 5 minuutjes onder. Ik zie letterlijk elke avond de zon zakken in de zee, of toch op z’n minst als ik rap genoeg ben. De meeste mensen verkiezen hier niet buiten te komen tussen 11h en 15h omdat de zon hier dan zo erg brandt. Een siësta om “você” tegen te zeggen dus. Ik smeer mij hier nog steeds dagelijks in met factor 30. Bij minder verbrand ik mijn maagdelijk witte velleke onmiddellijk, bruinen is hier niet van de poes! Af en toe valt er hier wel een stortbui uit de lucht. Meestal ’s nachts, dus mijn was moet ik ’s avonds binnenhalen óf voor het slapengaan gewoon in een badje waspoeder dompelen, uithangen en ’s morgens hangt de was daar hoog en droog…

Dan is er ook nog het onuitputtelijke fruit. Daar hebben ze hier wel kaas bij gegeten. Ik herken hier nog steeds de meeste fruitsoorten niet, ik weet enkel dat ze allemaal lekker zijn en zo gemakkelijk te vinden. Af en toe eens onder een boom lopen en er valt wel iets uit de lucht. Veelvoorkomende fruitnamen zijn hier dan ook: goiaba, abacaxi, roman, maçã, mamão, graviola, cacao, açaí, melancia, jaca, seriguela, jambo, carambola, pinha, maracuja, cajú, guaraná, en zoveel meer! Ze in je mond steken is gelukkig veel minder moeilijk dan ze van elkaar te onderscheiden.  Je zou voor minder een banaan in je oor steken, ernie.

Waar ik na al die tijd nog steeds geen weg mee weet zijn alle mannen in de straat. Soms lijkt het of ze allemaal tegelijkertijd zijn buitengeborsteld door hun Braziliaanse furies maar dat zal wel niet. Ze staren je aan alsof je hen nog 200 Reais verschuldigd bent maar vanaf je “Olá, bom dia!” zegt klaren hun vraagtekengezichtjes op en lijkt hun dag gemaakt. Wie ben ik om hen dit kleine blikje niet te gunnen he dan? Ondertussen heb ik een theorie ontworpen dat aangezien alle kinderen hier op straat spelen, en de meeste mannen hier bij verschillende vrouwen kinderen hebben, het gemakkelijker is voor deze papa’s hun kinderen allemaal samen te zien spelen als ze daarbij in de straat gaan zitten. Slimme mannen, die Brazilianen. Ze stellen graag hun eigen voetbalteam samen uit eigen bloed. Zou dat het grote geheim van hun voetbalsucces zijn? One big daddy cool?

Een volgend puntje op mijn lijstje is mijn uitgebreide homosexuele vriendenkring hier in Barra de São Miguel. Brazilië mag dan wel een berucht machistisch land zijn, maar nergens heb ik nog zoveel homosexuelen ontmoet als hier! Ze zijn overal en o zó vrouwelijk! Je zou ze hier moeten zien rondtrippelen en elkaar kusjes gooien, pink paradise als je ’t mij vraagt. Het grappigste van dit alles is dat de grootste en stevigste mannen hier nog het meeste liggen grappen met hun homosexuele medemens. Aanrakingetjes voor de klucht, knuffels en knipoogjes met een glimlachje, geen mens die weet wie hier nu precies wat is. Zo heb ik hier een vriend, Junior, receptionist( e) in de NGO, die wel de koningin der homosexuelen moet zijn. Ik ken geen vriendin die vrouwelijker is dan hem. Dagelijks zit hij hier te koffiekletsen met zijn giechelende bende identiteitscrisissers in de receptie van Pense Brasil. Hij geeft me complimentjes als m’n haar goed ligt en verlegt dan zijn denkbeeldige froufrou van kant. Bij laagtij in de receptie zit hij achter zijn computertje te kwijlen op foto’s van onbereikbaar manvolk.  In het weekend gaat hij ook naar een gayclub in Maceió waar hij heel wat wilde avonturen beleeft. Wekelijks krijg ik dan ook een zeer gedetailleerde update van zijn veroveringen (en die van zijn clubgenoten).

Een volgend verbazing-oproepend programmapunt zijn de ontrouwe(minder verbazend hier in Brazilië)  viervoeters.  Barra heeft misschien 7000 inwoners maar ze heeft waarschijnlijk ook zo veel straathonden. Ze hebben alle kleurtjes en alle maten. Sommige zijn lief en gemoedelijk, andere zijn agressief en rap in hun gat gebeten. Je weet met ander woorden nooit wat je op je bord zal krijgen wanneer je er eentje voorbij fietst. Tanden in je versgewassen kuit of gewoon een bananenschilgeurtje en een kwijldruppel. Véronique heeft er hier echt wel de pest aan. Ze gaat er spontaan van lopen, maar laat dat nu net dé specialiteit zijn van meneertje vagebond dus die holt er dan ook zonder enig probleem achter aan. Bijgevolg laten ze mij wel mooi met rust. Als 2 honden vechten om haar been, loop ik er rustig omheen.

Tenslotte zou ik het nog willen hebben over de contradictie in het straatbeeld. Hoewel ik hier dagelijks met boefjes word geconfronteerd, heeft niemand hier een fietsslot op zijnen vélo. Boefjes lopen hier openstaande huisjes binnen en buiten alsof ze er net naar het toilet zijn geweest, maar de openstaande fiets op hun weg laten ze netjes staan. Bij het dagelijkse winkelbezoek plaats ik mijn tweewieler in het wilde weg en ik ga er dan ook van uit dat hij er nog staat als ik mijn nutella gekocht heb. Mijn blind vertrouwen in de bandietjes is tot nu toe nog steeds ongeschonden en dat zal ook wel zo blijven denk ik, tenzij ze opeens zouden denken dat die plakband aan mijn versnellingsbak wel eens geld kan waard zijn. Je weet hier echter nooit. Gisteren was er ook een gehandboeide boef uit het politiekantoor ontsnapt. Hij had het op een spurtje gezet in een lange smalle straat (niet erg slim dus) en aangezien de obese politie-agent na zijn tweede ademhalingspoging in de achtervolging zijn bloeddruk voelde vallen haalde die zijn pistool boven en schoot 2 keer op de ontsnapte crimineel. Dat is nu echt Brazilië. Een land waar niemand iets onder controle heeft, behalve dan misschien de begrafenisondernemer over zijn inkomen. Het boefje is uiteindelijk ontsnapt en de politie-agent bekomt nog steeds van zijn longklap. Over en uit.

Ok beste vrienden en vriendinnen, ik hou het weer bekeken voor vandaag. Toch nog even melden: de ramp met de schoolkinderen heeft hier ook in Brazilië het nieuws gehaald. Mensen hebben me er hier dan ook al veel over aangesproken. Ik vind het jammer zo’n nieuws over België te moeten horen en betuig dan ook mijn medeleven met familie en vrienden van de slachtoffers. Desalniettemin, geniet van de lente die blijkbaar eindelijk in ons Belgenlandje is gearriveerd. Ik had hem nochtans al een maand geleden op de post gedaan! BRASIIIIIIL!

Beijinhos,
Janne!

vrijdag 16 maart 2012


Meer dan een week geleden dat ik nog van me heb laten horen. Jullie zullen je vast zorgen maken! Nee, ik ben niet ziek. Nee ik lig ook niet hele dagen met mijn gat in de zon. Nee, ik ben niet vergeten hoe ik moet typen. En tenslotte: nee, ge zijt nog lang niet van mij af. Here I am baby!!!
De voorbije week was goed gevuld. Er is “fresh meat” toegekomen op het schooltje en wie kan die beter de weg wijzen dan de ex-nieuweling. Oui, c’est moi J! Véronique is 29, Zwitsers en wat aan de kleine kant. Ze verblijft in hetzelfde huisje als mij en loopt ook dagelijks rond te toeren en loeren op de NGO. Ze wil uiteindelijk ook les gaan geven maar voorlopig vult ze haar dagen met wat lessen meeplukken en wat strandwandelingetjes om haar darmen tot rust te laten komen. Ze moet duidelijk nog wat wennen aan de haute cuisine hier. Samen met haar blijf ik me dagelijks verbazen van de stoten die de Brazilianen hier uithalen. Een grap en een grolleke, daar zijn ze toch niet vies van. Thema van vandaag:  de beste Braziliaanse mopjes tot nu toe!
1)      Het eerste grapje ging als volgt: Maxime en ik hadden al enkele opeenvolgende dagen halve skypegesprekken gevoerd door de slechte internetverbinding. Omdat zo’n hatelijk gehakkel en gespuug-gesprek mij wel eens wat grompotterig durft maken had ik hem beloofd bij de volgende skype-sessie naar 1 van de twee “lan-huisjes” hier in Barra te gaan. Toen ik er aankwam ging ik aan de balie staan. Ik vroeg of ik internet kon gebruiken. De kerel wees naar het groepje hangjongeren achter mij en zei dat de ene computer die ze daar hadden in gebruik was en dat ik mocht aanschuiven als ik dat wou. Ik bedankte en zei dat ik mijn eigen lappietoppie bij de hand had en of ik het wachtwoord van de wifi kon krijgen. Hij zuchte diep en zei toen: “Ik zou wel willen maar ik ben het wachtwoord vergeten dus dat zal niet lukken.” Stomverbaasd droop ik af, een internetcafé die zijn wifi-wachtwoord vergeten is… BRASIIIIIIIL!!!
2)      Een tweede goeike vond overlaatst plaats. Een groepje vrouwen zat in de Ongie te wachten op de lerares Spaans. Ze was 15 minuutjes in retard en ze begonnen zich al vragen te stellen of ze nog zou afkomen. Ze had nochtans niets laten weten, niemand gebeld. Ze zagen een auto parkeren maar discussieerden dat dat de juf  niet kon zijn want zij reed met een zwarte auto met een andere nummerplaat. Een halfuur later besloot ik ze wat Spaanse les te geven in afwachting van de Braziliaanse schone. Nog steeds geen nieuws. De leerlingen konden haar niet bereiken, haar gsm stond af. Aan het einde van de 2-uur-durende les kreeg een studente telefoon. De lerares had “haar bus gemist” en zou er dus niet meer kunnen geraken. Ook al kwam ze altijd met de auto… BRASIIIIIL!
3)      Nog eentje waarbij ik goed gelachen heb was toen ik ’s ochtends te voet op weg was naar de NGO. Ik werd nagefloten en keek om. Een klein meisje zwaaide naar me met een soort waaier in de hand en brabbelde ook nog wat. Ze kwam op me afgelopen toen ik zag dat ze een zonnehoed in de pollekes had. Ik vroeg of alles goed was met haar (standaardvraag) toen ze met een wipje de hoed op mijn bolleke plaatste. “Mijn moeder wil je dit geven, gringa.” Ze draaide zich om en spurtte weer weg. Eventjes niet goed weten wat er net gebeurd was keek ik Véronique aan. Ik draaide me nog eens om maar het meisje was al verdwenen. Met opengevallen mond zette ik mijn weg verder, zonnehoed op kop.  Ok ik heb een wit velleke maar ’t is nu niet om te zeggen dat ik de zon in de huiskamer laat reflecteren als ik voorbij je huis passeer ofzo. Toen ik later aan een Braziliaan van de Ongie vertelde wat er net gebeurd was zei die mij droogjes: “Ge gaat nu niet kunnen zeggen dat ze je hier niet goed ontvangen he gringa.” BRASIIIIIL!
4)      Aan Paulo (collega) vroeg ik eens of hij nog naar school ging. Hij zei (in januari) dat het schoolvakantie was en dat de school binnenkort weer zou beginnen. Ik nam er vrede mee en liet hem zijn ding doen. Overlaatst merkte ik dat hij nog steeds rondzwierf in het dorpje zonder enige blijk te geven van schoolgaande jeugd te zijn. Ik vroeg hem of de lessen nog niet opnieuw begonnen waren en dat de schoolvakantie hier toch wel lang duurt. Hij zei dat ik het de vorige keer verkeerd moest begrepen hebben aangezien hij toen had willen zeggen dat de school met vakantie was. School met vakantie? “Sinds wanneer is dat dan?” vroeg ik hem… “Euhm ik weet het niet zo goed, sinds begin vorig jaar ofzo? Niemand weet wanneer de school precies weer uit vakantie gaat…” BRASIIIIIL!!!!
5)      Met een andere collega had ik het over de Braziliaanse politiek. Hij zei dat Dilma (de huidige presidente) Europese roots had. Ik had wat over België gepraat toen hij zei “Volgens mij is ze ook Belgisch!”. Dat vond ik bizar, daar had ik nu nog nooit iets van gehoord. Ik zei hem dat me dat wel heel onwaarschijnlijk leek. Hij zei: “of Belgisch of Joegoslavisch!”. Ik zei hem dat Joegoslavië niet meer bestond en dus zei hij dat het wel België moest zijn. Uiteindelijk bleek het Bulgarije te zijn… 1 pot nat! BRASIIIIIL!
6)      Een laatste lachertje overkwam me toen ik hier voor de eerste keer naar de bakker ging. Ik zag overal pistoleetjes liggen maar geen spoor van een brood, terwijl ze dat in het algemeen wel hebben hier. Ik vroeg de vrouw of het misschien net allemaal op was toen ze zei: “Gewoon Brood? Nee, dat maken we hier niet… Enkel Pistolets en hardgebakken broodkruimels…” BRASIIIIIL!

Ok ‘k moet het alweer hierbij laten voor vandaag want het is ondertussen etenstijd geworden en straks staan die Braziliaanse snottertjes hier weer aan mijn t-shirt te trekken omdat ze foto’s willen zien. Veel plezier met het zonnetje daar in België. Geniet ervan, 23 °C, da’s niet niets. Hier moet ik het stellen met 35 °C… Bummer!

Beijinhos muito grandes!

dinsdag 6 maart 2012



Ook vandaag wil ik het hebben over een op z’n minst zeer “levendig” onderwerp hier in Brazilië, m.n. de telenovela. Wie het programma “Brazilië voor beginners” wat gevolgd heeft, kon al wat proeven van de drama die zich hier dagelijks op de buis afspeelt maar desalniettemin  voel ik me genoodzaakt dit onderwerp nog eens aan te kaarten. Na de heilige boontjesschotel, beheerst de novela het Braziliaanse leven volledig.

Het gaat in het bijzonder om 1 telenovela, genaamd: “Fina Estampa”. Tot nu toe heb ik nog niemand ontmoet die niet af en toe eens piept naar “den tv” wanneer de kleuren van dit programma zich over de huiskamer verspreiden. Om het bondig samen te vatten, “Thuis met afgetrainde lijven en geblondeerde wijven in Rio de Janeiro”. Er gebeurt dus niets in de paardenstallen in deze soap, ook al zouden de Brazilianen dat hoogstwaarschijnlijk wel kunnen smaken. Toen ik in Rio was had ik nog geen idee van hoe grootschalig deze “zeep-reeks” wel was. Maar doorheen mijn reis kreeg ik beetje bij beetje haar “true colours” te zien.

In de pousada waar ik verblijf kan ik de novela helaas niet volgen. Een 10-koppig team bezet dagdagelijks de reikwijdte van het scherm wanneer het “tijd” is… (“Mãaaaaae, é tempooooo!”) Ik voel me dan ook niet meteen geroepen om deze fantasiewereld te betreden. Ik zeg “fantasiewereld” maar eigenlijk handelt de novela over een paar rijke familie’s in Rio, waarbij geen enkel personnage een heilig boontje is. Duidelijk een ver-van-hun-bed-show voor de gemiddelde Braziliaan maar ondanks dat toch een groot succes. De personnages incorporeren het Braziliaanse schoonheidsideaal en besprenkelen het met wat Braziliaans furie-poeder. De hete temperaturen waarin het programma zich afspeelt laat de gemoederen dikwijls verhitten en zorgt bovendien vaak voor iets te kleine costuums en een standaard roze blos op de wangetjes van de acteurs.

Ik was overlaatst gaan couchsurfen in Maceió en de moeder van het meisje bij wie ik verbleef slaagde erin op mijn vragen te antwoorden tussen twee belangrijke telenovela-gebeurtenissen door. Ze zijn hier getraind in het volgen van de novela en een gesprek voeren tegelijkertijd. In de pauze besliste ze een kleine versnapering voor ons klaar te maken. Ik werd nog nooit zo snel bediend want voor je het weet is de pauze weer gepasseerd en ook al heb je het voorfilmpje gezien, het blijft toch altijd een beetje een verrassing he.

Hetgeen mij het meest stoort aan dit hele programma is de onwaarschijnlijkheid van alle voorvallen en als je dan vraagt aan een Braziliaan wat er zo goed is aan die serie, antwoordt hij standaard: “Het zit goed in mekaar en ze acteren zo goed.” Terwijl het voor mij eerder voorspelbaar en gedramatiseerd is. Zeer onrealistisch. Er worden ook dagelijks meningen over uitgewisseld in de straat. “Die ene heeft toch echt een slecht karakter en van die ander had ik dat nu echt niet verwacht!” De serie zit vol plastische chirurgie en steroïde-verslaafde mannen. Van een echte kenner mocht ik horen dat iedereen al zowat met iedereen het beddengoed onder de lakens had verkend, dan weet ik al genoeg. “Je bent thuiiiiiiiiiis, tutemtetumtum”.

Fina Estampa is misschien wel de meest bekende, maar daarom niet de enige telenovela die hier dagelijks over de vloer komt. Elke grote zender heeft zo z’n eigen soap. De grote zenders dragen hier ook standaard de kleuren van een politieke partij. Zo zal er in de novela misschien wel propaganda gemaakt worden voor de ene partijkandidaat en in een andere novela dan weer voor de ander. De bazen van deze shows beslissen volledig over het beeld dat hun kijker heeft van Brazilië. Om het nog wat duidelijker te illustreren ga ik nu over naar de telenovela op de zender Rede Record. De baas van deze zender is ook de oprichter van de Universele Kerk van het Koninkrijk Gods. De novela die zij dagelijks uitzenden heet O Rei Davi en gaat over het leven van de Bijbelse Koning David, dagelijks gevolgd door miljoenen personen. Het is een manier om de mensen hier te brainwashen en zich op elk mogelijk vlak in de kerkelijke sfeer te houden. The Holy way of life. Alles wat je op een Belgische zender zou vinden hebben zij ook, maar dan met een kleine kerkelijke noot.

Tot zover mijn kort verslag over de kijkbuis, beste kijkbuisvrienden. Ik heb er hier zelf weinig toegang tot dus het is moeilijk er een uitgebreid verslag over te schrijven maar indien ik meer inside-information weet te veroveren zijn jullie de eerste die erover horen.
Nog een goeie maand te gaan en nog vele  verhalen te vertellen! Tot binnenkort!

vrijdag 2 maart 2012


Tijd om een nieuwe thematiek van de Braziliaanse taart aan te snijden. Vandaag zal Da Jane het hebben over het Braziliaanse (ietwat a-)sociale systeem. Het is een moeilijke stap geweest om het hierover te hebben, maar ik, en ik hoop jij ook, ga de uitdaging aan. Let’s do this shizzle.

De Braziliaan was vroeger makkelijk te categoriseren. Arm of rijk. Tegenwoordig is de middenklasse zich stilletjesaan aan het opbouwen maar de kloof is nog steeds erg groot. De ex-regeringsleiders profiteerden vaak van het belastingsgeld om zich een nieuwe auto, nieuw maatpak of facelift aan te schaffen… Het zwarte geld werd enkel zwarter en zwarter doorheen de vele jaren van corruptie en zo bleef de tijd jarenlang stilstaan. Vandaag de dag weerklinkt de stem van João-Pedro met de pet zachtjes in het straatbeeld. Niet iedereen laat zich nog omkopen tijdens de verkiezingscampagnes en beetje bij beetje wordt het duidelijk dat het volk moet opkomen voor hun rechten. De corruptie in Brazilië leeft maar bevindt zich gelijdelijkaan in een staat van ontbinding. Jammergenoeg zitten er nog heel wat geldzuchtige addertjes verdoken onder het weelderige groene gras.

Laat ik me eens wagen aan een kleine schets van hoe het sociale systeem hier in z’n werk gaat. Alle gezondheidszorg- en onderwijsinstellingen zijn opgedeeld in een publiek of een particulier patroon. Ben je ziek en heb je geen geld om een dokter te betalen, dan ga je naar het publieke ziekenhuis om 3u ’s ochtends en ziek je netjes alles uit in een ellenlange rij tot een publieke dokter 3 minuten de tijd neemt om je snel een voorschriftje voor te schrijven. Zo’n dokters zien ongeveer 15 à 20 patienten per uur. Ai meu Deus, chanceke dat mijn darmflorapillekes goed werken. Ook 6 maand-zwangere vrouwen zitten vaak in datzelfde rijtje te wachten op een bloedprikje. Uren later en waarschijnlijk veel zwakker dan binnengekomen lopen ze het dokterskabinetje uit. Amper buiten is de dokter hun gezicht alweer vergeten.

Nu had ik de kans om onlangs een uitgebreid gesprek te voeren met zo’n publieke dokteres. Ze had haar job ontvlucht en gaf nu les aan de universiteit. Ze zei me dat haar vroegere job een verschrikking voor de mensheid was. Ook al wou ze meer tijd doorbrengen met haar patiënten, zo liet ze enkel de andere patiënten langer wachten en het was al zo’n onbegonnen race tegen de tijd. Maar wél gratis en “toegankelijk”. Ze vertelde me dat het moeilijk is om in een publiek ziekenhuis te werken. De gemiddelde Braziliaan zorgt niet goed voor zijn gezondheid en gaat vaak pas naar het ziekenhuis in een vergevorderd stadium. Het is dan ook moeilijk om snel alles terug op zijn plaats te krijgen. Met alle gevolgen van dien. In de ONG waar ik werk kunnen de mensen wekelijks een afspraak maken met een dokter, particulier wel te verstaan, maar betaald door de ongie, m.a.w Zezeco. Het maakt het “toegankelijke systeem” voor hen heel wat toegankelijker. De kuisvrouw in het schooltje hier liep er gisteren wat sipjes bij. Ik vroeg haar of alles goed was en ze vertelde me dat er zopas bij haar zoontje van 12 een vergevorderde tumor in de hals was geconstateerd. Zijn hele lichaam deed pijn en hij gedroeg zich als een jongetje van 7. Ze stond voor een lange weg vol onderzoeken en behandelingen en wist niet hoe dat zou uitdraaien met haar kuisvrouw-loontje. Ze wachtte op Zezeco om te weten waar ze stond. Voorlopig nog geen nieuws.

Maar naast dit gewond gezondheidssysteem lijdt ook het onderwijssysteem hier zwaar onder het publieke gegeven. Heb je 4 kinderen én een portemonnee vol geld dan zend je ze naar een particuliere school waar je voor het eerste leerjaar ongeveer €75 inschrijvingsgeld per maand betaalt. Hoe verder ze gaan op school, hoe duurder de kosten, tenzij ze naar een publieke school gaan, want dan is het gratis. Aan de unief hanteren ze hetzelfde principe. Publieke universiteit is gratis, particuliere universiteit kost maandelijks bijvoorbeeld €200 voor economische richtingen, €300 voor een rechten-opleiding en €400 voor geneeskunde. Dat maal 3, 4 of 5 jaar maakt al een serieuze schoolrekening. Nu kunnen de meeste Brazilianen, en zeker hier in de Barra, zich geen particulier onderwijs permitteren. Met de consequenties daarvan kom ik dagelijks in aanraking. Gisteren gaf ik wereld-oriëntatie aan 2 meisjes van 11 die niet konden schrijven en amper konden lezen. Het is onmogelijk hun aandacht langer te trekken dan 2 volle minuten en nóg moeilijker om hen langer dan 1 minuut de snaveltjes te snoeren en te laten luisteren. De klasjes in hun scholen zitten overvol en zijn functieloos. Een investering in goed onderwijs is volgens mij en vele Brazilianen een van de grootste noden van dit gigantisch land. Samen werken we eraan.

In dit hele systeem van betalen of niet betalen zit volgens mij één gigantisch gat. De hardwerkende middenklasse betaalt in Brazilië 3O% van zijn inkomen aan belastingen. Ik hoor het u al zeggen, “dat is toch niets vergeleken met België!”. Daar hebt u volkomen gelijk in, maar als je ziet wat wij daarvoor terugkrijgen en wat zij daarvoor terugkrijgen , dan mogen wij niet klagen. Het is namelijk zo dat het belastingsgeld vooral uitgaat naar de betaling van de werknemers van het publieke systeem. Dat systeem wordt in de eerste plaats geconsulteerd door de armere, dikwijls “werkloze” en dus geldloze klasse. Heel wat individuën van deze “armere” klasse verdienen geld op straat door er fruit/eten/parkeerplaatsen/bikini’s te verkopen. Op die manier hebben ze toch een inkomen zonder daarop belastingen te betalen. Deze zwartwerkende straatverkopers leven dus van het belastingsgeld van de middenstand. Daarenboven komt nog eens dat de middenstand naast zijn belastingsgeld ook nog eens alle particuliere instellingen moet betalen om een ietwat aangenamere levensstandaard te kunnen opbouwen. Een dubbele taks dus in hun geval én geen enkele taks in het geval van de straatventers. Daarnaast gaat de andere helft van de belastingen vaak naar het spaarboekje van de politici en zo is het cirkeltje rond. Een zware opgave voor de hardwerkende belastingsbetalende Braziliaan dus.

Nu dit allemaal uitgeklaard is heb ik wel een uurtje strand verdiend, de lezers van dit alles trouwens ook maar dat zal voor jullie wat moeilijker zijn dan voor mij vrees ik. Het volgende onderwerp probeer ik weer wat lichter te houden. Hou jullie taai en tot in den draai!

Um abraço,
Janey!

dinsdag 28 februari 2012


De thema's beginnen zich hier op te stapelen dus ik maak er maar beter meteen werk van. Brazilië heeft namelijk heel wat om over na te keuvelen. Ik zou eigenlijk constant een lijstje bij de hand moeten hebben om, met het verloop der minuten van de dag, aan te vullen. Laat ons er at random eentje uit plukken om vandaag mee te starten... Trrrr, wat wordt het..., KATCHiiiiiiNG... en de winnaar is ... het onderweeeerrp: muziek!
De Braziliaan zweert bij zijn muziek. Hij, en met hem ik ook, staat ermee op en gaat ermee slapen. De exacte uren zijn gemakkelijk te volgen. Je hoort het wel... Alle maar dan ook álle muziek is hier in het Portugees. Ohnee, ik zou liegen, ik heb hier Adele haar "Someone like you" ook al door de straten horen knallen, die heeft zich ondertussen ook in elke kronkel van de wereldkaart gewurmd. Maar op die ene uitzondering na, geldt het pronomen álle! Nu is het wel zo dat de Braziliaan in de straat al eens een nummertje durft stelen van een buitenlandse artiest (het zou weer geen Braziliaan zijn) en dat dan onder eigen Braziliaanse noemer aan de grote man probeert te brengen. Zo heb ik hier al de Portugese versie van Carla Bruni's "Quelqu'un qui m'a dit" gehoord, zo ook "Kiss Me" van Sixpence Non the Richer, Lady Gaga, Rihanna, noem maar op... Ze hebben ze allemaal in een Braziliaans kortgesneden kleedje gestoken. Geen wonder dat ze hier geen woord Engels spreken, ze zijn haast nog erger dan onze Italianen.
Hetgeen mij ook steeds weer blijft verwonderen is de gekendheid van de teksten van zowat élke Braziliaanse hit. Voor mij lijken ze allemaal op elkaar. Is het nu Samba, Pagode, Fogo, Frevo of Aché... De Braziliaan gaat uit zijn dak en zingt naarstig mee. Ze kennen elk woord van achter naar vanvoor en van boven naar vanonder én als je ze vraagt of dat een recent liedje is dan antwoordt die ene tiener naast je: "Nee, dat liedje is zeker al 20 jaar oud!" Maar vraag ze niet of Brazilië buurlanden heeft want dan slaan ze aan het twijfelen.
Hetgeen mij ook matenloos fascineert zijn de auto's hier. Als ze er al ene hebben dan komt die standaard met een gepimpte koffer vol ingebouwde megamaxistereoketens. Het logische gevolg is dat de auto vaak geparkeerd staat in de straat of in de garage met de kofferbak wijd open en de Braziliaanse ritmes eruit knallend als een vuurpijl uit een vuurpijldoosje. Ze staan overal en zijn onontkoombaar. Over dat pijltje moet ik het trouwens ook nog eens hebben. Die vuurpijlen zijn hier razend populair. Ze worden gebruikt bij elk feestje, is het nu Carnaval of Pasen, laatmaarknallen.br. Als mijn gehoor tijdens Carnaval dus nog niet vermassacreerd was van de oorverdovende muziek dan heeft die grapjas met zijn vuurpijl naast mij in het publiek daar alleszins wel verandering in gebracht. Maar nu, terug even ter zake. MUZIEK!
Zoals jullie misschien wel al verwacht hadden zijn de Braziliaanse muziekstukjes iets heter dan in ons koude Belgenlandje. Correct! Ze hebben hier ook gewone liedjes die gaan over de vurige hartstocht, maar over het algemeen tocht het eerder in de broek als je de meeste liedjesteksten hier mag geloven. Zo kan ik enkele voorbeeldjes geven van op dit moment zeer populaire liedjes: “Vrouwenversierder die ik ben, ik ben alweer papa!” (trouwens een waarheid als een koe, de meeste mannen hier hebben kinderen bij 3 verschillende vrouwen), “Meisje we gaan dansen en daarna gaan we po*pen” (vrij direct maar als je kindergroei hier bestudeert, wel behoorlijk efficient), “Donker meisje met blauwe ogen, ik wil je pakken!” (ik blijf best nog even uit de zon weg me dunkt)… en dan natuurlijk het alombekende “Ai se eu te pego” wat er schoon vertaald op neer komt: “Ai als ik je neem…”. Laat onze kinderen dat maar meezingen dus, en als ze vragen stellen, zeg maar dat ze in Brazilië vooral communiceren via lichaamstaal. Op school leren ze dat lichaamstaal ook zeer belangrijk is of vergis ik me?
Over de verspreiding van illegale cd’s had ik het in mijn vorige blog al gehad dacht ik, dus daar moet ik het al niet meer over hebben. Nog even ter verduidelijking, ik heb er zelf nog geen aangeschaft want piraterij is een misdrijf en ’t zou maar weer die ene buitenlander zijn die ze beslissen van eens goed de les te spellen he. Ik ken dat kluchtje al (mopje had geen goeie explosieve klank, dus even overgeschakeld naar mijn West-Vlaamse vocabulaire). Met de politie wil ik hier liever enkel in contact komen als ze naar mijn lessen aardrijkskunde komen in de ONG, voor de rest mogen ze ter plaatse rusten van mij, zoals ze bezig waren dus.
Om even te parafraseren. Muziek is erg belangrijk voor de gemiddelde Braziliaan. Het helpt hem zijn dag goed te besteden. Want zelfs als hij niets te doen heeft, dan is hij nog steeds muziek aan het luisteren. Muziek, de nectar van zijn trommelvlies, het brengt hem op ideetjes, het laat hem fluiten in de straat. Neem je dat weg, dan wordt die illegale straatverkoper een doodnormale dakloze, dan wordt mijn 70+ buurman met gepimpte kofferbak een mannetje wachtend op het einde der dagen, dan worden de meisjes hier misschien pas moeder op hun 25ste. Kortom, een eerder Europees leven. Ik wil niet gezegd hebben dat de Braziliaanse maatschappij volledig te wijten is aan hun muziekcultuur , want dan laat ik de kracht van de telenovela volledig buiten beschouwing, maar het helpt de boodschap alleszins wel te verspreiden. Maar als ik heel eerlijk mag zijn, muziek geeft hier vooral de vreugde van de mensen weer. Ze hebben niet veel maar zijn hier toch gelukkig. Ze dansen en ze zingen, is dat nu met 2 of met 6 kinderen van 1 of van 4 verschillende moeders, so be it. Ze stappen uit hun huis en plonsen de voet in hun afvoerputje dat door de straten gedweild wordt, maar ze neuriën een wijsje en kijken de andere kant uit. Ze verkopen hun geplukte kokosnoten in de blakerende zon, lachen vriendelijk, bedanken en denken stilletjes: “Ai se eu te pego”. En iedereen is gelukkig.
MAAR 1 DING MOGEN ZE VOOR MIJ TOCH WEL LATEN EN DAT IS AAN DIE VOLUMEKNOP DRAAIEN OM 4 UUR ‘S NACHTS WANT DAN KAN IK NIET SLAPEN!

Vele groetjes,
Janey

zaterdag 25 februari 2012


Nu Carnaval achter de rug is, lijkt de rust in Barra teruggekeerd. Het is hier nu wel extreem kalmpjes! Aangezien we nog steeds de week na Carnaval zijn, blijven de mensen thuis in plaats van naar de les te komen. Ze nemen nog een extra paar dagjes vrijaf, ook al kunnen ze hierdoor hun plekje in de klas verliezen. Carnaval praat alles goed... Het is hier nog steeds snikheet en mijn arme witte huidje geraakt maar niet gewend aan de felle zon. Deze week nog had ik last van zonne-allergie. Hoe veel zonnecrème kan een mens smeren?
Nu ook míjn dagelijkse bezigheden geminderd zijn ben ik van plan jullie wat meer in te lichten over het reilen en zeilen van de gemiddelde Braziliaan. Zo zal ik vanaf heden mijn blog een eerder thematische vorm geven. Laat ons beginnen met een interessant onderwerp, iets wat ongetwijfeld iedereen aanbelangt: het kleinste kamertje.
Al sinds ik in Brazilië toegekomen ben vond ik dit kamertje hier uiterst interessant. Je gaat er binnen en gaat op de bril zitten en je zakt weg... De bril is hier namelijk een luchtbril. Precies een geluidsloos scheetkussen, zéér toepasselijk. Het is eigenlijk wel een aangename manier om je zaakje te doen vind ik persoonlijk. Hij is niet koud bij een nieuwe start en best zacht. Als het een beetje langer duurt dan verwacht staat hij ook niet in je billen gegraveerd én bij het rechtstaan blijft hij er trouwens ook niet aan plakken. Alleen maar voordelen dus. Wat ik wél jammer vind is de kleur. Ik heb hem hier enkel nog maar in het grijs gezien. Moest het aan mij liggen zou ik hem alle kleurtjes van de regenboog geven, zo krijgt je derde oog ook nog eens wat lichtschakeringen te zien.
Een tweede element dat wat aandacht verdient is het vuilbakje. Je wordt hier overal verwacht je gesigneerd papiertje erin te gooien, geen mens weet waarom. De potten hebben hier een goeie zuigkracht en het papier is verteerbaar. En toch gaan ze hier steevast voor vochtverbroedering in het vuilbakje. Maar ik ga ertegenin. Mijn papiertje stuur ik naar goeie gewoonte samen met de rest van de blijde boodschap richting zee. Het zou misschien wel leuk kunnen zijn om eens een Europees plakje in het bakje te hebben, maar na al die rijst en bonen hier krijg ik spontaan de neiging alles met water door te spoelen. Ik voel me trouwens ook niet genoodzaakt een vergelijkend onderzoek te doen bij elk toiletbezoek, dus hoe verder ik van dat schijtpapierbakje verwijderd kan blijven, hoe beter.
Een laatste interessant onderdeel is de sjasbak. Die staat bovenaan de pot. In België vind je dergelijke exemplaren uiteraard ook nog wel, maar deze hier heeft standaard een gebroken wit touwtje dat smeekt om aan getrokken te worden. Ik zeg gebroken wit, omdat het ooit sneeuwwit moet geweest zijn maar dat sneeuwkristalletje moet onderweg ergens gebroken zijn en veranderd zijn in een modderkluit. Dat is dan meteen ook meestal de actuele kleur van het touwtje. De vraag die ik me telkens weer stel is bijgevolg: "Waar trek ik het best aan het touwtje om geen infecties op te lopen?" Tot nu toe meen ik steeds juist getrokken te hebben want al mijn vingers hangen er nog aan en ik voel me nog steeds goed.
Een ander onderwerp dat ik vandaag zou willen aankaarten zijn de tweewielers. Hoewel ze maar twee wielen hebben vervoeren ze hier dikwijls 3 personen. Dat geldt zowel voor fietsen als voor brommers en motors. Geen vuiltje aan de lucht, zo vindt ook de politie. Die staan erbij en kijken ernaar. Naast deze 3 personen kunnen dikwijls ook nog heel wat andere zaken vervoerd worden. Zo zag ik al eens een computerbak, een frietpot en een baby achterop de moto. Uiteraard niet alle 3 tegelijkertijd.
Er rijden hier ook overal straatverkopers met een kar vol CD's illegaal gedownloade muziek rond. Die verkopen ze dan voor 2.5 Euro. Een koopje, al zeg ik het zelf. Deze mobiele piraterijschepen vallen ook nog steeds onder de tweewielers. Ze rijden hier de hele dag rond, en als de nacht valt en de mensen gaan slapen, komt hun piratenvlag boven en gaan ze weer plaatjes stelen en op een schijfje branden. De politie rijdt voorbij, knikt het hoofdje bij het horen van hun favoriete song en kijkt de andere kant uit, want zolang er niet gevochten wordt houden zij zich er netjes buiten.
Mijn laatste thematiek van de dag hoort bij het op toepasselijke wijze bij de dag die op zijn eind komt, zoals ook bijna dit blogbericht. Ik zal het voor het slapengaan nog even hebben over de Braziliaan die slapen gaat. Dik tegen alle verwachtingen in zijn Brazilianen helemaal niet zo’n nachtwachters als ik had gedacht. Ze kruipen tijdig onder de wol en beginnen de dag op tijd en stond, soms al om 5u ’s ochtends. De kinderen van de basisschool zitten al om 7u achter de schoolbanken en de meeste winkels gaan hier open om 8u. Vroeger dan in België dus. Van het nachtleven hier heb ik trouwens ook nog niet echt veel mogen meemaken. De meesten van mijn vrienden hier staan niet te springen om ’s avonds een pintje te gaan pakken of een stapje in de wereld te gaan zetten. Op het einde van de vermoeidende zonbestraalde dag is de Braziliaan moe en wil hij in z’n bedje kruipen. De man van de pousada waar ik woon komt dan ook elke nacht rond 23h30 speciaal uit zijn nest om mij binnen te laten. De wereld op z’n kop.
23h30 nadert en dus hoor ik m’n nieuwe kamer al roepen. Morgen is zondag en dan is de Ongie gesloten, geen internet, geen collega’s, geen boeken… enkel me, myself en het strand. Als ik dat maar overleef. In geval van geroosterd , aangebrand en niet meer in staat om nog blogberichtjes te typen. Het is een aangename tijd geweest. Aan de trouwe lezers, stuur mij gerust een update met jullie dagdagelijkse bezigheden. Ik hou ervan om jullie nieuwtjes te lezen!
Dikke zoenen,
Da Jane!